11 jul. 2025
Schriftelijke vragen Dode dieren door woningrenovatie in Zutphen
Inleiding
Woonbedrijf Ieder1 werkt sinds mei aan de verduurzaming van woningen in de Zutphense wijk Tichelkuilen.[1] Al in de eerste week moest de provincie Gelderland de werkzaamheden stilleggen, omdat het woonbedrijf zich niet hield aan de Gedragscode soortenbescherming voor woningcorporaties.[2]
Werkzaamheden zoals zagen en slijpen werden vlak onder de nesten van broedende mussen uitgevoerd, waardoor bewoners dagelijks werden geconfronteerd met kapotte eieren en dode kuikens (zie de foto’s hierna).
Invliegopeningen voor vleermuizen werden zodanig afgedicht dat vleermuizen werden ingesloten, en bewoners de vleermuizen angstig hoorden piepen in de schoorstenen.
Ook de kuikens van mussen in het dakbeschot konden na onzorgvuldige isolatiewerkzaamheden geen kant meer op en stierven massaal in het nest, met stankoverlast voor de bewoners tot gevolg.
Na meldingen van bewoners is er tot drie maal toe een toezichthouder van de provincie ter plaatse geweest, de laatste keer vergezeld van een BOA. Deze gaf aan strafrechtelijk te zullen doorpakken en vroeg de bewoners of zij bereid waren om een getuigenverklaring af te leggen.
Na dit bezoek bleef het echter stil en werden de bewoners verzocht om geen contact meer te zoeken met de provincie. Het woonbedrijf kon op dezelfde voet verdergaan, met nog meer dierlijke slachtoffers tot gevolg.
De gemeente Zutphen heeft voor bovenstaande verduurzamingswerkzaamheden een omgevingsvergunning verleend voor “onderhoud aan gevels en daken” (BBO), en niet voor “ruimtelijke inrichting” (RI, waaronder isolatiewerkzaamheden vallen).[3] Aan BBO-werkzaamheden[4] stelt de Gedragscode soortenbescherming minder strenge eisen dan aan RI-werkzaamheden.
RI-werkzaamheden moeten volgens de Gedragscode in beginsel buiten de kwetsbare periode (zie grafiek hieronder) worden uitgevoerd of zodanig dat effecten op aanwezige beschermde soorten kunnen worden voorkomen.
Wanneer toch in de kwetsbare periode, zoals het broedseizoen, moet worden gewerkt en negatieve effecten op vogels en nesten kunnen ontstaan, moeten uiterlijk half februari mitigerende maatregelen worden genomen om de nesten of verblijfplaatsen ongeschikt te maken. Voor nesten van jaarrond beschermde soorten zoals de huismus moeten op het moment dat deze verblijfplaatsen ongeschikt worden gemaakt alternatieve nestgelegenheden worden gerealiseerd (bijvoorbeeld in de vorm van nestkasten). Er moet altijd worden voorkomen dat vogels en vleermuizen worden ingesloten.
Ruimtelijke ingrepen die onder de Gedragscode vallen, moeten vier weken vóór aanvang bij de provincie worden gemeld (informatieplicht). Hierbij moeten de quickscan, het soortgericht onderzoek, het ecologisch werkprotocol en het registratieformulier worden verstrekt.
Een woningcorporatie die volgens de Gedragscode werkt, verplicht zich om de regels uit de gedragscode te verankeren in zijn strategie en beleid. Deze zaken moeten op verzoek van de provincie of RVO kunnen worden aangetoond.
De Partij voor de Dieren heeft hierover de volgende vragen
1. Klopt het dat toezichthouders van de provincie tot drie keer toe (de laatste maal vergezeld van een BOA) zijn langs geweest in de Zutphense wijk Tichelkuilen, waarbij overtredingen zijn geconstateerd en waarbij bewoners is toegezegd dat de provincie strafrechtelijk zou doorpakken? Welke overtredingen zijn door de provincie geconstateerd en geregistreerd?
2. Wat heeft de provincie naar aanleiding van deze bezoeken gedaan om de geconstateerde overtredingen te beëindigen?
3. Is tijdens deze bezoeken door de toezichthouders gecontroleerd of een ecologisch werkprotocol aanwezig was? Zo ja, in hoeverre werd er volgens dit protocol gewerkt?
4. Klopt het dat de provincie na deze bezoeken contactpogingen van bewoners heeft genegeerd, waardoor bewoners niets meer hebben vernomen over het vervolg? Zo ja, wat is hiervan de reden?
5. Wat vindt u ervan dat de gemeente Zutphen in casu een vergunning heeft verleend voor “onderhoud aan gevels en daken” terwijl overduidelijk sprake is van renovatie van woningen met het oog op verduurzaming? Was de provincie hiervan op de hoogte? Welke consequenties heeft dit volgens u gehad voor de toepassing van de Gedragscode soortenbescherming door het woonbedrijf?
6. Is de betreffende ruimtelijke ingreep tijdig bij de provincie gemeld? Zo ja, gelieve ons de door de initiatiefnemer verstrekte stukken, zoals de quickscan, het soortgericht onderzoek en het ecologisch werkprotocol te verstrekken, voor eenieder openbaar.
7. Heeft de provincie gecontroleerd of de initiatiefnemer uiterlijk half februari mitigerende maatregelen heeft genomen om nesten en verblijfplaatsen ongeschikt te maken? Zo ja, welke maatregelen zijn er genomen. Zo nee, waarom niet?
8. Volgens de bewoners zijn er in maart, toen er al vogels aan het broeden waren, nog openingen tussen de dakgoten en het dak afgedicht met kunststof materiaal, waarbij nesten zijn verstoord. Klopt dit? Zo ja, hoe is hierop gehandhaafd?
9. Heeft de provincie gecontroleerd of de initiatiefnemer uiterlijk half februari voor alternatieve nesten en huisvesting heeft gezorgd voor de betrokken soorten, zoals de huismus en vleermuizen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wanneer, welke maatregelen waren getroffen en waren deze maatregelen volgens de provincie toereikend, mede gelet op de foto hierna.
10. Welke verdere stappen gaat de provincie nemen om de overtredingen zo snel mogelijk te beëindigen en te voorkomen dat er nog meer slachtoffers vallen?
11. In hoeverre heeft de provincie zich ervan vergewist dat woonbedrijf Ieder1 de regels uit de Gedragscode soortenbescherming heeft verankerd in zijn strategie en beleid?
11 juli 2025
Danielle van de Weerd, Partij voor de Dieren
[1] https://www.ieder1.nl/nieuws/renovatie-en-verduurzaming-tichelkuilen/
[2] https://aedes.nl/media/document/gedragscode-soortenbeschermingaugustus-2024pdf
[3] https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-432564.html
[4] Hieronder vallen: herstellen van voegwerk en metselwerk; schoonspuiten; impregneren van gevels
Vraag 1:
Klopt het dat toezichthouders van de provincie tot drie keer toe (de laatste maal vergezeld van een BOA) zijn langs geweest in de Zutphense wijk Tichelkuilen, waarbij overtredingen zijn geconstateerd en waarbij bewoners is toegezegd dat de provincie strafrechtelijk zou doorpakken? Welke overtredingen zijn door de provincie geconstateerd en geregistreerd?
Antwoord:
Ja dat klopt. Bij de eerste controle is de initiatiefnemer, die bezig was met het ongeschikt maken van mogelijke verblijfplaatsen van de huismus, gewezen op de zorgplicht. Bij latere controle werden wel gebroken eieren aangetroffen maar kon niet worden vastgesteld waardoor dit was veroorzaakt. Er kon geen overtreding worden vastgesteld. Wegens onvoldoende bewijs is strafrechtelijke handhaving met betrekking tot de gebroken eieren achterwege gebleven. Bij de laatste controle zijn ook geen overtredingen geconstateerd.
Vraag 2:
Wat heeft de provincie naar aanleiding van deze bezoeken gedaan om de geconstateerde overtredingen te beëindigen?
Antwoord:
De toezichthouders en BOA hebben gekeken of er tijdens de controle sprake was van overtredingen. Die waren er niet. De initiatiefnemer is gewezen op de aanwezigheid van soorten en de zorgplicht. De initiatiefnemer kon aantonen dat er gewerkt werd volgens een ecologisch werkprotocol (EWP) en een goedgekeurde gedragscode.
Vraag 3:
Is tijdens deze bezoeken door de toezichthouders gecontroleerd of een ecologisch werkprotocol aanwezig was? Zo ja, in hoeverre werd er volgens dit protocol gewerkt?
Antwoord:
Ja, zie het antwoord op vraag 1 en 2.
Vraag 4:
Klopt het dat de provincie na deze bezoeken contactpogingen van bewoners heeft genegeerd, waardoor bewoners niets meer hebben vernomen over het vervolg? Zo ja, wat is hiervan de reden?
Antwoord:
Meldingen die over deze locatie binnen zijn gekomen, zijn opgepakt.
Vraag 5:
Wat vindt u ervan dat de gemeente Zutphen in casu een vergunning heeft verleend voor “onderhoud aan gevels en daken” terwijl overduidelijk sprake is van renovatie van woningen met het oog op verduurzaming? Was de provincie hiervan op de hoogte? Welke consequenties heeft dit volgens u gehad voor de toepassing van de Gedragscode soortenbescherming door het woonbedrijf?
Antwoord:
Woningcorporaties mogen gebruik maken van de gedragscode Aedes. In de gedragscode staat beschreven wat de reikwijdte is. De uitgevoerde werkzaamheden passen daarbinnen en de provincie is tijdig geïnformeerd. De vergunning afgegeven door de gemeente heeft hier geen invloed op.
Vraag 6:
Is de betreffende ruimtelijke ingreep tijdig bij de provincie gemeld? Zo ja, gelieve ons de door de initiatiefnemer verstrekte stukken, zoals de quickscan, het soortgericht onderzoek en het ecologisch werkprotocol te verstrekken, voor eenieder openbaar.
Antwoord:
Ja, begeleidend is een logboek en werkprotocol meegestuurd.
Vraag 7:
Heeft de provincie gecontroleerd of de initiatiefnemer uiterlijk half februari mitigerende maatregelen heeft genomen om nesten en verblijfplaatsen ongeschikt te maken? Zo ja, welke maatregelen zijn er genomen. Zo nee, waarom niet?
Antwoord:
De toezichthouders hebben geen fysieke controle uitgevoerd. Door de ecoloog zijn de mitigerende maatregelen in het logboek ingevuld. Deze hebben wij beoordeeld als voldoende.
Vraag 8:
Volgens de bewoners zijn er in maart, toen er al vogels aan het broeden waren, nog openingen tussen de dakgoten en het dak afgedicht met kunststof materiaal, waarbij nesten zijn verstoord. Klopt dit? Zo ja, hoe is hierop gehandhaafd?
Antwoord:
Onze toezichthouders hebben dit op locatie niet vast kunnen stellen.
Vraag 9:
Heeft de provincie gecontroleerd of de initiatiefnemer uiterlijk half februari voor alternatieve nesten en huisvesting heeft gezorgd voor de betrokken soorten, zoals de huismus en vleermuizen? Zo nee, waarom niet?
Zo ja, wanneer, welke maatregelen waren getroffen en waren deze maatregelen volgens de provincie toereikend, mede gelet op de foto hierna.
Antwoord:
De toezichthouders hebben geen fysieke controle uitgevoerd voor half februari. Zie ook het antwoord op vraag 7.
Vraag 10:
Welke verdere stappen gaat de provincie nemen om de overtredingen zo snel mogelijk te beëindigen en te voorkomen dat er nog meer slachtoffers vallen?
Antwoord:
Er werd geen overtreding vastgesteld. Aan de hand van het EWP en de gedragscode kunnen de werkzaamheden worden voortgezet.
Vraag 11:
In hoeverre heeft de provincie zich ervan vergewist dat woonbedrijf Ieder1 de regels uit de Gedragscode soortenbescherming heeft verankerd in zijn strategie en beleid?
Antwoord:
Onze toezichthouders behandelen elke casus als op zichzelf staand. Het woonbedrijf kon bij het opvragen een EWP en logboek aan de toezichthouder overleggen.
Gedeputeerde Staten van Gelderland
Daniël Wigboldus - Commissaris van de Koning
Johan Osinga - Secretaris