Vragen over Omge­vings­visie en ecolo­gische verbin­dingen


Het is ons niet duidelijk of, met de nieuwe omgevingsvisie en de verordening, de verbindingen tussen leefgebieden van dieren veilig gesteld zijn, en goed zullen gaan functioneren.

  1. In een van de inspraakreacties is gevraagd naar de verbinding van de Veluwe via de Voorthuizense poort met een ecoduct over de A1 richting de Utrechtse Heuvelrug. In het nieuwe Faunabeheerplan grofwild is deze verbinding in bijlage 5 ingetekend. In de notitie vervolgacties naar aanleiding van de hoorzittingen schrijft u erover :

    Duidelijk is al tijdens de hoorzitting dat hier nu geen geld voor is en dat Omgevingsvisie niet over directe investeringen gaat. Geen verdere actie ondernomen.”

    De inspreker had echter ook gevraagd het gebied te beschermen tegen onomkeerbare ontwikkelingen, zodat in de toekomst het ecoduct (met voetgangersoversteek) nog kan worden aangelegd. Wellicht wil een volgend college wel in de verbinding investeren.

    Biedt de ecologische verbinding rond Terschuur in de nieuwe omgevingsvisie voldoende bescherming tegen ontwikkelingen die de bouw van een ecoduct (voor herten en andere grote zoogdieren) in de toekomst bemoeilijken ? Zo nee, welke amendementen zijn nodig om er voor te zorgen dat in de toekomst nog een ecoduct aangelegd zou kunnen worden (zonder extra kosten door ontwikkelingen die de huidige conceptomgevingsvisie mogelijk maakt) ?
  2. In bijlagen 6 en 7 van de omgevingsvisie, “kernkwaliteiten GNN en GO”, is informatie opgenomen over de Ecologische Verbindingen. De kaart is echter alleen maar als plaatje in het pdf bestand opgenomen, en niet zoals de andere kaarten in de planoviewer zichtbaar, en met andere kaarten te combineren. Ook is niet makkelijk te zien welk deel in ieder van de 184 natuurgebieden nu de Ecologische Verbindingszone vormt, en er is ook niet (bijvoorbeeld met kleur) aangegeven welk type inrichtingsvariant de verbindingszone heeft (model das, kamsalamander, winde, etc.) en tot waar het leefgebied van de dieren loopt.

    Wilt u de kaart zo spoedig mogelijk toevoegen aan het kaartmateriaal dat met de viewer te bekijken is, en te downloaden is, en zo, dat de inrichtingsvariant ook wordt aangegeven ?
  3. Wilt u de kaart “beleidsuitwerking EHS 2012” die alleen als pdf beschikbaar is, en daardoor niet makkelijk met de nieuwe kaarten te vergelijken is, ook als downloadbare kaart, of via Web Map Service of Web Feature Service ter beschikking stellen ?
  4. Waar is de laatste controle te vinden in hoeverre de Ecologische Verbindingszones momenteel voldoen aan de eisen die aan de inrichtingsvarianten gesteld zijn ? In hoeverre gaan ze er met de kaarten bij deze omgevingsvisie aan voldoen ?
  5. Waar staan de eisen waaraan een inrichtingsvariant moet voldoen ? Wordt er in de omgevingsvisie naar verwezen ?
  6. Welke verbindingen voor de grotere zoogdieren (dassen, edelherten, wilde zwijnen, etc.) worden er met deze omgevingsvisie mogelijk op, en rond de Veluwe, en welke knelpunten zijn er nog ?
  7. Welke Europese verbindingen zijn mogelijk ? (Zie bijvoorbeeld Alterra rapport 533, blz. 51.)
  8. Op blz. 31 van de Toelichting Omgevingsverordening Gelderland schrijft u bij paragraaf 2.7.2 :

    Voor een goed functioneren van de verbinding is het noodzakelijk dat deze zo veel mogelijk vrijgehouden wordt van nieuwe ingrepen. Waar toch een ontwikkeling plaatsvindt die ingrijpt in de landschapszone - en dus de verbinding als het ware insnoert - kan de ecologische samenhang behouden blijven door de aanleg van een extra natuurelement.”

    Wij begrijpen de eerste zin niet. Voor een goed functioneren moet een verbinding worden vrijgehouden, en niet “zo veel mogelijk” worden vrijgehouden. Als een verbindingszone “zo veel mogelijk” wordt vrijgehouden, zal de verbinding hooguit “zo goed mogelijk” functioneren, en dat sluit niet uit dat de verbinding in het geheel niet functioneert. De verbinding moet gewoon goed functioneren, en als “ontwikkelingen” daarbij niet passen, dan dienen die “ontwikkelingen” niet te worden toegestaan. Bent u het daar mee eens ? En wordt een verbinding doorgerekend op goed functioneren, bijvoorbeeld met methoden zoals in Alterra rapport 1206, voor u een “ontwikkeling” toestaat ?
  9. De tweede zin begrijpen we ook niet. De verbindingen zijn nu al te krap. Als een verbinding nog verder wordt ingesnoerd, zal ze niet werken. Wat als na een ontwikkeling na een aantal jaren blijkt dat de verbinding daardoor niet meer werkt ? Wordt de ontwikkeling dan teruggedraaid ?
  10. Op blz. 100 van de Verdieping van de Omgevingsvisie schrijft u in paragraaf 4.3.1.3. (“Groene Ontwikkelzone”) :

    Daarentegen is het in een coulissenlandschap van de Achterhoek of IJsselvallei en delen van de andere regio's goed mogelijk om nieuwbouw van een woning te combineren met het versterken van ecologische samenhang door bijvoorbeeld de aanleg van houtwallen of van poelen.”

    Hoe zult u ervoor zorgen dat deze poelen er over tien jaar nog zijn, dat ze niet zijn dichtgegroeid, of vervangen door een stoepje met barbecue ? En bij welke inrichtingsvarianten is een combinatie wel mogelijk en bij welke niet ?


Luuk van der Veer
Lid Provinciale Staten van Gelderland
Partij voor de Dieren.

Antwoorddatum: 13 jun. 2014

Vraag 1:
In een van de inspraakreacties is gevraagd naar de verbinding van de Veluwe via de Voorthuizense poort met een ecoduct over de A1 richting de Utrechtse Heuvelrug. In het nieuwe Faunabeheerplan grofwild is deze verbinding in bijlage 5 ingetekend. In de notitie vervolgacties naar aanleiding van de hoorzittingen schrijft u erover :

"Duidelijk is al tijdens de hoorzitting dat hier nu geen geld voor is en dat Omgevingsvisie niet over directe investeringen gaat. Geen verdere actie ondernomen."

De inspreker had echter ook gevraagd het gebied te beschermen tegen onomkeerbare ontwikkelingen zodat in de toekomst het ecoduct (met voetgangersoversteek) nog kan worden aangelegd. Wellicht wil een volgend college wel in de verbinding investeren.

Biedt de ecologische verbinding rond Terschuur in de nieuwe omgevingsvisie voldoende bescherming tegen ontwikkelingen die de bouw van een ecoduct (voor herten en andere grote zoogdieren) in de toekomst bemoeilijken ? Zo nee, welke amendementen zijn nodig om er voor te zorgen dat in de toekomst nog een ecoduct aangelegd zou kunnen worden (zonder extra kosten door ontwikkelingen die de huidige conceptomgevingsvisie mogelijk maakt) ?

Antwoord:
De omgeving van het oorspronkelijk beoogde ecoduct is aangewezen als Groene Ontwikkelzone (GO). Dat betekent dat ruimtelijke ontwikkelingen die de kernkwaliteiten schaden daar niet worden toegestaan. Bij de kernkwaliteiten is de functie Ecologische Verbindingszone vermeld.

Vraag 2.
In bijlagen 6 en 7 van de omgevingsvisie, "kernkwaliteiten GNN en GO", is informatie opgenomen over de Ecologische Verbindingen. De kaart is echter alleen maar als plaatje in het pdf-bestand opgenomen, en niet zoals de andere kaarten in de planoviewer zichtbaar, en met andere kaarten te combineren. Ook is niet makkelijk te zien welk deel in ieder van de 184 natuurgebieden nu de Ecologische Verbindingszone vormt, en er is ook niet (bijvoorbeeld met kleur) aangegeven welk type inrichtingsvariant de verbindingszone heeft (model das, kamsalamander, winde, etc.) en tot waar het leefgebied van de dieren loopt.

Wilt u de kaart zo spoedig mogelijk toevoegen aan het kaartmateriaal dat met de viewer te bekijken is, en te downloaden is, en zo, dat de inrichtingsvariant ook wordt aangegeven ?

Antwoord:
Ja, de kaart van de ecologische verbindingszones wordt z.s.m. toegevoegd aan de Atlas Gelderland en de planoviewer. Hierin wordt aangegeven welk type inrichtingsvariant de verbindingszone heeft.

Vraag 3.
Wilt u de kaart "beleidsuitwerking EHS 2012" die alleen als pdf beschikbaar is, en daardoor niet makkelijk met de nieuwe kaarten te vergelijken is, ook als downloadbare kaart, of via WMS of WFS ter beschikking stellen ?

Antwoord:
Wij zullen een verschillenkaart ter beschikking stellen die de verschillen aangeeft tussen de kaart 'Beleidsuitwerking EHS 2012'en de kaart van GNN en GO in de omgevingsvisie. De kaart 'beleidsuitwerking EHS' is destijds opgesteld in overleg met de Manifestpartners en vastgesteld door uw Staten bij de beleidsuitwerking Natuur en Landschap (PS 2012-401). Deze kaart is belangrijke input geweest bij de huidige kaart van GNN en GO. Veranderingen in de kaart van 2012 komen voort uit nader overleg met de Manifestpartners en doordat de bestemde natuur in Bestemmingsplannen van gemeenten nu als basis zijn gebruikt voor het GNN.

Vraag 4:
Waar is de laatste controle te vinden in hoeverre de Ecologische Verbindingszones momenteel voldoen aan de eisen die aan de inrichtingsvarianten gesteld zijn ? In hoeverre gaan ze er met de kaarten bij deze omgevingsvisie aan voldoen ?

Antwoord:
Wij sturen op realisatie van het GNN. Natuur in de GO wordt gerealiseerd door derden, waaronder gemeenten. De ontwikkeling van Ecologische Verbindingszones vindt stapsgewijze plaats in verschillende projecten en door investeringen van overheden en particulieren, als dan niet gesubsidieerd door de provincie. Door deze werkwijze is er geen overzicht van de ontwikkeling. Als het GNN gerealiseerd is, kan dat overzicht wel worden gegeven.

Vraag 5.
Waar staan de eisen waaraan een inrichtingsvariant moet voldoen ? Wordt er in de omgevingsvisie naar verwezen ?

Antwoord:
Bij de kaart van de Ecologische Verbindingszones die wij in de Atlas Gelderland opnemen (zie het antwoord op vraag 2) komt een link waarin de eisen zijn beschreven ten aanzien van stapstenen, corridors en landschapszones voor de verschillende modellen verbindingszones.

Vraag 6.
Welke verbindingen voor de grotere zoogdieren (dassen, edelherten, wilde zwijnen, etc.) worden er met deze omgevingsvisie mogelijk op, en rond de Veluwe, en welke knelpunten zijn er nog ?

Antwoord:
Overal waar model Das is toegekend zijn verbindingen voor dassen en boommarters. Deze kunnen ook worden benut door grotere dieren als wild zwijn en edelhert, mits de faunavoorzieningen erop gericht zijn. Afgelopen jaren zijn daarvoor voorzieningen getroffen in het kader van de Nota ontsnippering EHS. De knelpunten kennen wij nog niet.

Vraag 7.
Welke Europese verbindingen zijn mogelijk ? (Zie bijvoorbeeld Alterra rapport 5336, blz. 51.)

Antwoord:
De kaart Grensoverschrijdende verbindingen uit de omgevingsvisie geeft aan op welke plaatsen het GNN en de Ecologische Verbindingszones aansluiten op natuurgebieden in andere provincies en Duitsland. Hierop staan ook de klimaatcorridors.

Vraag 8.
Op blz. 31 van de Toelichting Omgevingsverordening Gelderland schrijft u bij paragraaf 2.7.2 :

"Voor een goed functioneren van de verbinding is het noodzakelijk dat deze zo veel mogelijk vrijgehouden wordt van nieuwe ingrepen. Waar toch een ontwikkeling plaatsvindt die ingrijpt in de landschapszone - en dus de verbinding als het ware insnoert - kan de ecologische samenhang behouden blijven door de aanleg van een extra natuurelement."

Wij begrijpen de eerste zin niet. Voor een goed functioneren moet een verbinding worden vrijgehouden, en niet "zo veel mogelijk" worden vrijgehouden. Als een verbindingszone "zo veel mogelijk" wordt vrijgehouden, zal de verbinding hooguit "zo goed mogelijk" functioneren, en dat sluit niet uit dat de verbinding in het geheel niet functioneert. De verbinding moet gewoon goed functioneren, en als "ontwikkelingen" daarbij niet passen dan dienen die "ontwikkelingen" niet worden toegestaan. Bent u het daar mee eens ? En wordt een verbinding doorgerekend op goed functioneren, bijvoorbeeld met methoden zoals in Alterra rapport 12068, voor u een "ontwikkeling" toestaat ?

Antwoord:
Bij de toetsing van ingrepen is het doel dat de verbinding kan functioneren randvoorwaarde. De Ecologische Verbindingszones zijn onderdeel van de GO. Omdat wij kansen willen bieden voor creatieve functiecombinaties, kunnen wij op voorhand niet aangeven wat er wel en niet kan. Ook is op voorhand niet uit te sluiten dat andere functies dan natuur uitbreiden binnen de Ecologische Verbindingszone .

Vraag 9.
De tweede zin begrijpen we ook niet. De verbindingen zijn nu al te krap. Als een verbinding nog verder wordt ingesnoerd, zal ze niet werken. Wat als na een ontwikkeling na een aantal jaren blijkt dat de verbinding daardoor niet meer werkt ? Wordt de ontwikkeling dan teruggedraaid ?

Antwoord:
Wij zijn van mening dat de verbindingen nu voldoende breed zijn. Wij stellen aan de nieuwe ontwikkelingen de randvoorwaarde dat de Ecologische Verbinding kan blijven functioneren.

Vraag 10
Op blz. 100 van de Verdieping van de Omgevingsvisie schrijft u in paragraaf 4.3.1.3. ("Groene Ontwikkelzone") : "Daarentegen is het in een coulisselandschap van de Achterhoek of IJsselvallei en delen van de andere regio's goed mogelijk om nieuwbouw van een woning te combineren met het versterken van ecologische samenhang door bijvoorbeeld de aanleg van houtwallen of van poelen."

Hoe zult u ervoor zorgen dat deze poelen er over tien jaar nog zijn, dat ze niet zijn dichtgegroeid, of vervangen door een stoepje met barbecue ? En bij welke inrichtingsvarianten is een combinatie wel mogelijk en bij welke niet ?

Antwoord:
Natuurelementen die via verevening of compensatie tot stand zijn gekomen, worden in het bestemmingsplan planologisch beschermd. Ook bij gesubsidieerde nieuwe natuurelementen gebeurt dat. Het beschermen van deze natuurelementen is een verantwoordelijkheid van de gemeente. Omdat Ecologische verbindingszones per definitie multifunctioneel zijn, zijn er allerlei functiecombinaties mogelijk.

Gedeputeerde Staten van Gelderland
C.G.A. Cornielje - Commissaris van de Koning
drs. P.P.L. van Kalmthout - secretaris

-> Hier zijn de antwoorden als PDF te vinden

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer