Vragen over lucht­wassers en weidegang


Indiendatum: mei 2014

In de Veeteelt van vorige week stond een artikel over oprukkende luchtwassers in de melkveehouderij. Er zijn weliswaar stallen met luchtwassers die nog gedeeltelijk open zijwanden hebben, en weidegang, maar de woordvoerder van LTO verwacht dat fabrikanten om het volledige rendement van luchtwassers te benutten naar volledig dichte stallen gaan.

  1. Wat vindt u van de komst van volledig dichte stallen in de melkveehouderij ?
  2. Is het technisch mogelijk om via de nieuwe omgevingsvisie en verordening, vanwege bijvoorbeeld ruimtelijke kwaliteit, de bouw van volledig dichte stallen, waarin de dieren niet meer gezien worden, en waarbij dieren niet regelmatig meer naar buiten kunnen, te verbieden ?
  3. Is het technisch mogelijk om via de nieuwe omgevingsvisie en verordening de bouw van volledig dichte stallen te ontmoedigen, door landbouwgrond voor grondgebonden bedrijven met meer prioriteit specifiek te bestemmen als grond die gebruikt moet worden voor weidegang ?
  4. Hoeveel stallen met luchtwassers voor melkveehouderijen en kalverhouderijen zijn er al in Gelderland ?
  5. Welke grondige, steekhoudende en solide maatregelen gaat u nemen om de groei van het aantal volledig dichte stallen in de melkveehouderij tegen te gaan ?


Luuk van der Veer
Lid Provinciale Staten van Gelderland
Partij voor de Dieren.

-> Hier zijn de vragen als PDF te vinden

Indiendatum: mei 2014
Antwoorddatum: 24 jun. 2014

Vraag 1:
Wat vindt u van de komst van volledig dichte stallen in de melkveehouderij?

Antwoord:
Het ammoniakbeleid dat de overheid voert, stimuleert het gebruik van luchtwassers, ook in de melkveehouderij. Sinds dit jaar is een luchtwasser voor de rundveehouderij op de RAV-lijst (lijst met maatregelen die voldoen aan de wettelijke regeling Ammoniak en Veehouderij) geplaatst. Door toepassing van deze techniek daalt de ammoniakemissie per dier aanmerkelijk en kunnen vervolgens binnen de vergunde emissie door het bedrijf meer dieren worden gehouden. De technische maatregelen kunnen een bijdrage leveren aan het doel om te komen tot een lagere stikstofbelasting van gevoelige natuur. Wij achten deze ontwikkeling daarom minder wenselijk, zeker wanneer deze verder wordt doorontwikkeld naar een volledig gesloten stalsysteem waarbij ook een combinatie met weidegang niet meer mogelijk is. De ontwikkeling naar meer gesloten stallen staat op gespannen voet met de maatschappelijke wens naar meer openheid.

Vraag 2:
Is het technisch mogelijk om via de nieuwe omgevingsvisie en verordening, vanwege bijvoorbeeld ruimtelijke kwaliteit, de bouw van volledig dichte stallen, waarin de dieren niet meer gezien worden, en waarbij dieren niet regelmatig meer naar buiten kunnen, te verbieden?

Antwoord:
Gemotiveerd en goed onderbouwd met argumenten vanuit een goede ruimtelijke ordening is het mogelijk bepaalde ongewenste ontwikkelingen te verbieden. Gezien ons antwoord bij vraag 1 zien wij niet direct aanleiding om de komst van deze stallen te verbieden. Deze relatief dure stallen zullen waarschijnlijk alleen maar worden opgericht in de directe omgeving van gevoelige mfuncties, veelal zeer gevoelige natuurgebieden. Het is dus juist vanuit een goede ruimtelijke ordening dat deze technische maatregelen worden getroffen.

Vraag 3:
Is het technisch mogelijk om via de nieuwe omgevingsvisie en verordening de bouw van volledig dichte stallen te ontmoedigen, door landbouwgrond voor grondgebonden bedrijven met meer prioriteit specifiek te bestemmen als grond die gebruikt moet worden voor weidegang?

Antwoord:
Zie antwoord op de vorige 2 vragen. De meer gesloten stallen voor rundvee staan het toepassen van weidegang niet in de weg.

Vraag 4:
Hoeveel stallen met luchtwassers voor melkveehouderijen en kalverhouderijen zijn er al in Gelderland?

Antwoord:
In Nederland zijn - op grond van recente informatie uit de pers - 4 proefstallen en zijn er 20 stallen gereed of in aanbouw. Wij beschikken niet over Gelderse cijfers maar verwacht kan worden dat ook in Gelderland enkele rundveestallen met een luchtwasser aanwezig zijn of binnenkort zullen komen.

Vraag 5:
Welke grondige, steekhoudende en solide maatregelen gaat u nemen om de groei van het aantal volledig dichte stallen in de melkveehouderij tegen te gaan?

Antwoord:
Ons college is niet voornemens om maatregelen te nemen om de groei van meer gesloten stallen voor rundveehouderij tegen te gaan. In de antwoorden op voorgaande vragen hebben wij onze motieven hiervoor al aangegeven.


Gedeputeerde Staten van Gelderland
C.G.A. Cornielje - Commissaris van de Koning
drs. P.P.L. van Kalmthout - secretaris

-> Hier zijn de antwoorden als PDF te vinden

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer