Vragen over asbest en zonne­pa­nelen


Indiendatum: jun. 2012

> deze vragen in .pdf

In de Statenvergadering van 30 mei is besloten middelen beschikbaar te stellen voor een combinatieregeling voor zonnepanelen en asbestverwijdering bij staldaken. Helaas kon onze vraag hoe GS gestalte willen gaan geven aan de regeling nog niet beantwoord worden. De indruk kan licht ontstaan dat Europees geld dat bedoeld is voor duurzame energieproductie eigenlijk wordt ingezet voor asbestsanering. Mogelijk zullen vooral intensieve veehouderijen met een hoog stroomverbruik profiteren van de subsidie.

Vragen :

  1. Is het zo dat de subsidie voor zonnepanelen verstrekt wordt op voorwaarde dat er door de aanvrager zelf wordt geïnvesteerd in asbestverwijdering ?
  2. Is het POP-geld afkomstig uit fiche 311, en mag het wél gebruikt worden voor zonnepanelen (duurzame energie), maar níet voor asbestverwijdering ?
    .
    De laatste jaren zijn zonnepanelen veel goedkoper geworden. Volgens de website vraagbundelingzonnepanelen.nl (een initiatief van LTO-Noord) is er voor projecten geen subsidie nodig :
    Doel van ‘’Vraagbundeling zonnepanelen’’ is het grootschalig inkopen van zonnepanelen door leden van LTO Noord waarmee een investering in zonne-energie zonder subsidie rendabel gemaakt kan worden.
    Op Radio 1 was vrijdag 15 juni een gesprek met een boer uit Espel te horen, die meedoet aan de collectieve inkoop van zonnepanelen. De melkveehouder verwacht de 228 zonnepanelen in 7 tot 8 jaar terugverdiend te hebben, bij gelijkblijvende stroomprijzen. Bij stijgende stroomprijzen is de terugverdientijd korter.
    .
  3. Als er geen subsidie nodig is voor de zonnepanelen, hoe voorkomt u dan, dat subsidie hoofdzakelijk voor asbestverwijdering gebruikt wordt (wat niet toegestaan is) ?
  4. Hoeveel geld van de subsidieregeling en van het programma energietransitie gaat er minimaal en maximaal naar de zonnepanelen, en hoeveel minimaal en maximaal naar asbestverwijdering ?
  5. Op welke manier geeft de Europese Commissie goedkeuring aan deze specifieke regeling ?
  6. Is het mogelijk bezwaar te maken tegen, of een klacht in te dienen bij de Europese Commissie over een subsidieregeling, en zo ja, hoe moet dat ?
  7. In antwoord op onze eerdere Statenvragen zegt u bij antwoord 7 dat de eindgebruiker van de subsidieregeling lid moet zijn van een landbouwhuishouden. Was het mogelijk geweest een aanvraag te doen om de POP-middelen te laten verplaatsen naar een andere fiche waardoor de middelen voor een bredere groep aanvragers toegankelijk zouden zijn geweest, bijvoorbeeld ook scholen op het platteland ?
  8. Hoeveel agrarische bedrijven met asbest zijn er, en op welke en hoeveel daarvan is de nieuwe subsidieregeling gericht ?
  9. Verwacht u dat de subsidieregeling overtekend zal zijn, en zo ja, waarom geeft u dan geen voorrang aan biologische bedrijven, of bedrijven met weidegang, of bedrijven die op een andere manier aandacht aan dierenwelzijn besteden, om dat gedrag ook te belonen ?

Luuk van der Veer
Lid Provinciale Staten van Gelderland
Partij voor de Dieren.

Indiendatum: jun. 2012
Antwoorddatum: 10 jul. 2012

> deze antwoorden in .pdf

Antwoorden:

  1. Vraag: Is het zo dat de subsidie voor zonnepanelen verstrekt wordt op voorwaarde dat er door de aanvrager zelf wordt geïnvesteerd in asbestverwijdering?
    Antwoord: Ja, wij stellen bij onze subsidie op de zonnepanelen de voorwaarde dat op hetzelfde erf minimaal een dubbele oppervlakte asbest gesaneerd wordt.
    .
  2. Vraag: Is het POP-geld afkomstig uit fiche 311, en mag het wél gebruikt worden voor zonnepanelen (duurzame energie), maar níet voor asbestverwijdering?
    Antwoord: Ja, we benutten maatregelfiche 311 “diversificatie naar niet-agrarische activiteiten” van het plattelandsontwikkelingsprogramma 2007-2013. Doel van de maatregel is het stimuleren van diversificatie naar niet agrarische activiteiten op agrarische bedrijven. Opwekking van duurzame energie valt daar onder maar het saneren van asbest niet.
    .
  3. Vraag: Als er geen subsidie nodig is voor de zonnepanelen, hoe voorkomt u dan, dat subsidie hoofdzakelijk voor asbestverwijdering gebruikt wordt (wat niet toegestaan is)?
    Antwoord: Een deelnemer moet voldoen aan de voorwaarden zoals die in de susidieregeling zijn opgenomen. We handhaven daarop zoals dat algemeen bij onze subsidietoekenningen gebruikelijk is.
    Door onze koppeling van asbestsanering aan de plaatsing van zonnepanelen is er voor de ondernemer sprake van één investering. Op het onderdeel “plaatsing zonnepanelen” krijgt hij een subsidie van ongeveer 20%. De ondernemer dient de overige 80% voor het plaatsen van de zonnepanelen en de gehele asbestsanering zelf te financieren.
    .
  4. Vraag: Hoeveel geld van de subsidieregeling en van het programma energietransitie gaat er minimaal en maximaal naar de zonnepanelen, en hoeveel minimaal en maximaal naar asbestverwijdering?
    Antwoord: Er gaat geen geld naar de sanering van asbest. Voor de stimulering van zonnepanelen hebben wij een bedrag van € 1,8 miljoen beschikbaar gesteld. Dit bedrag wordt gefinancierd vanuit het programma energietransitie (besluitnr. PS2012-193, € 450.000), uit het budget vitale landbouw (besluitnr.PS2012-366, 450.000) en € 900.000 uit Europese plattelandsontwikkelingsprogramma.
    .
  5. Vraag: Op welke manier geeft de Europese Commissie goedkeuring aan deze specifieke regeling?
    Antwoord: Op grond van de Wet Inrichting Landelijk Gebied keurt de Minister van EL&I, in verband met de inzet van de middelen van het Europese Plattelandsontwikkelingsprogramma 2007-2013 de wijziging van de Regels SvG 2011 goed met het oog op mogelijke staatssteunaspecten. Het college heeft inmiddels het verzoek om goedkeuring aan de minister gedaan.
    .
  6. Vraag: Is het mogelijk bezwaar te maken tegen, of een klacht in te dienen bij de Europese Commissie over een subsidieregeling, en zo ja, hoe moet dat?
    Antwoord: Nee, het is in dit geval niet mogelijk bezwaar te maken in te dienen bij de Europese Commissie. Een klacht indienen bij de Europese Commissie over een mogelijk misbruik van steun kan worden ingediend door een belanghebbende. Dit zijn onder meer een lidstaat een persoon of onderneming wiens belangen door de toekenning van steun kunnen worden getroffen. Onder steun wordt ook een regeling als de hier bedoelde gerekend. Voor het indienen van de klacht kan gebruik worden gemaakt van de volgende link op de website van de Europese Commissie: http://ec.europa.eu/competition/forms/intro_nl.html
    .
  7. Vraag: Was het mogelijk geweest een aanvraag te doen om de POP-middelen te laten verplaatsen naar een andere fiche waardoor de middelen voor een bredere groep aanvragers toegankelijk zouden zijn geweest, bijvoorbeeld ook scholen op het platteland?
    Antwoord: Ten principale is een verschuiving naar een ander POP-fiche mogelijk. Het college heeft daar niet voor gekozen. Met de subsidieregeling “Zonnepanelen voor asbestdaken” gericht op land- en tuinbouwbedrijven komen we tegemoet aan de wens die door Provinciale Staten meerdere keren is uitgesproken. Met het resterende plattelandsontwikkelingsgeld binnen fiche 311 hebben we hieraan invulling gegeven. Provinciale Staten hebben op 25 april 2012 (agendapunt energietransitie PS 2012-193) ons college verzocht om met voorstellen te komen om zonneenergie te stimuleren op daken van scholen, verenigingen en bedrijven. U kunt dit najaar daarover van ons een voorstel tegemoet zien.
    .
  8. Vraag: Hoeveel agrarische bedrijven met asbest zijn er, en op welke en hoeveel daarvan is de nieuwe subsidieregeling gericht?
    Antwoord: Op nagenoeg alle agrarische bedrijven die dateren van vóór 1993 is asbest aanwezig (geweest). We schatten in dat thans op 90% van de Gelderse land- en tuinbouwbedrijven nog asbest aanwezig is. De subsidieregeling is gericht op alle land- en tuinbouwbedrijven in de provincie Gelderland waar asbest op (stal)daken aanwezig is en een minimale standaardopbrengst kennen van € 125.000,-. Voor Gelderland komen globaal 5000 bedrijven in aanmerking.
    .
  9. Vraag: Verwacht u dat de subsidieregeling overtekend zal zijn, en zo ja, waarom geeft u dan geen voorrang aan biologische bedrijven, of bedrijven met weidegang, of bedrijven die op een andere manier aandacht aan dierenwelzijn besteden, om dat gedrag ook te belonen?
    Antwoord: De signalen zijn dat het animo onder agrariërs om zonnepanelen te plaatsen erg groot is. Dit betekent dat in relatief korte tijd het beschikbare budget zal zijn toegekend en verdere aanvragen afgewezen zullen moeten worden. Voortvarende uitvoering is verder gewenst omdat het Europese plattelandsontwikkelingsprogramma eind 2013 afloopt. Met het oog hierop hebben we een eenvoudige regeling gemaakt en geen verdere voorwaarden, bijvoorbeeld op het vlak van dierwelzijn, gesteld. Dergelijke voorwaarden maken de regeling complex, maken dat er meer administratieve inzet nodig is en vereisen bovendien dat de voorwaarden ook moeten worden gecontroleerd.

Gedeputeerde Staten van Gelderland
C.G.A. Cornielje - Commissaris van de Koningin
drs. P.P.L. van Kalmthout - secretaris

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer