Vragen over laad­pa­len­in­fra­structuur


Indiendatum: apr. 2016

-> de vragen en antwoorden als pdf vindt u hier

Op 3 maart 2016 stond er in Binnenlands Bestuur een nieuwsbericht dat gemeenten onvoldoende zijn voorbereid op elektrisch rijden doordat er te weinig laadpalen zijn. Een aantal Gelderse steden werd in dit artikel met name genoemd als voorbeelden die relatief laag scoren (Apeldoorn, Ede en Nijmegen). Slechts 4 Gelderse gemeenten hebben in dit onderzoek een “groene” score.

Door de op 29 maart aangenomen PvdA-2e Kamermotie over emissieloze auto’s in 2025, lijkt het belang van een goede laadinfrastructuur alleen maar toe te nemen. In het kader van duurzaamheid, economische aantrekkelijkheid (steeds meer zakelijke rijders rijden elektrisch) en toeristische aantrekkelijkheid lijkt het wenselijk dat ook alle Gelderse gemeenten voldoende voorbereid zijn op toenemend elektrisch verkeer.

De Partij voor de Dieren stelt hierover de volgende vragen:

  1. Is GS op de hoogte van de relatief lage score van Gelderse gemeenten op het onderzoek naar laadinfrastructuur, waarnaar Binnenlands Bestuur refereert?
  2. Wat vindt GS van deze lage score?
  3. Hoe verklaart GS de relatief lage score? En hoe komt het dat vier gemeenten veel beter scoren?
  4. Wat zou de provincie kunnen doen om ervoor te zorgen dat Gelderland beter is voorbereid op de komst van toenemend elektrisch vervoer?
  5. Er is een provinciale concessie voor laadpalen, waaraan gemeenten kunnen deelnemen. Wat is de stand van zaken rondom deze provinciale concessie?
  6. Ontwikkelingen in mobiliteit kunnen heel snel gaan, zo blijkt uit de Keynote speech van Tony Seba (Stanford University) over clean disruption of energy & transportation. Wat is er de komende tijd voor nodig om Gelderland beter voorbereid te laten zijn op ontwikkelingen in elektrisch rijden en andere mobiliteitstrends?
  7. Wat zijn de ambities van de provincie als het gaat om laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer in Gelderland?

Maaike Moulijn
Lid Provinciale Staten van Gelderland
Partij voor de Dieren

Indiendatum: apr. 2016
Antwoorddatum: 31 mei 2016

Vraag 1:
Is GS op de hoogte van de relatief lage score van Gelderse gemeenten op het onderzoek naar laadinfrastructuur, waarnaar Binnenlands Bestuur refereert?

Antwoord:
GS is op de hoogte van het onderzoek waar Binnenlands Bestuur naar refereert en de scores van Gelderse gemeenten.

Vraag 2:
Wat vindt GS van deze lage score?

Antwoord:
Het onderzoek geeft wat GS betreft een vertekend beeld. De lage score in de benchmark betekent niet dat de Gelderse gemeenten met hun huidige beleid per definitie niet goed zijn voorbereid op de situatie in 2020. Gemeenten die anticiperen op de toename in vraag naar elektrische auto’s, en daardoor meer laadpalen plaatsen dan nodig voor het huidige aantal elektrische auto’s, scoren beter dan gemeenten die laadpalen plaatsen wanneer er voldoende vraag naar is. Met beide aanpakken kunnen gemeenten zorgen voor voldoende laadpalen in 2020.
Het onderzoek geeft wel aan dat er aandacht nodig is om zeker te zijn van voldoende laadinfrastructuur in de toekomst. De provincie werkt hieraan met partners, waaronder gemeenten, binnen het Gelders Energie Akkoord.

Vraag 3:
Hoe verklaart GS de relatief lage score? En hoe komt het dat vier gemeenten veel beter scoren?

Antwoord:
De verschillen in scores is te verklaren door verschil in gemeentelijk beleid op het gebied van elektrisch vervoer.
Gemeente Ede, een gemeente die actief bezig is met het stimuleren van elektrisch vervoer en laadpaleninfrastructuur maar desondanks relatief laag scoort in het onderzoek, plaatst laadpalen wanneer er voldoende vraag naar is. Het aantal laadpalen groeit op die manier mee met het aantal elektrische voertuigen. Sommige andere gemeenten plaatsen laadpalen op strategische punten in de verwachting dat de vraag volgt. Dit om te voorkomen dat de beschikbaarheid van een laadpunt een belemmering vormt voor de aanschaf van een elektrische auto.
De score in het onderzoek wordt bepaald door een toekomstprognose van de vraag naar elektrische auto’s van bewoners te koppelen aan de dekkingsgraad van het huidige netwerk van laadpunten. Gemeenten die laadpalen plaatsen vooruitlopend op de vraag naar elektrische auto’s (en dus op dit moment meer laadpalen hebben dan nodig voor het huidige aantal elektrische auto’s) scoren daarom hoger dan gemeenten die kiezen voor een vraaggestuurde aanpak waar een laadpaal wordt geplaatst als er vraag naar is.

Vraag 4:
Wat zou de provincie kunnen doen om ervoor te zorgen dat Gelderland beter is voorbereid op de komst van toenemend elektrisch vervoer?

Antwoord:
De provincie neemt deel aan de tafel mobiliteit van het Gelders Energie Akkoord en werkt in dat kader samen met marktpartijen, andere overheden en kennisinstellingen aan een aanpak om elektrisch vervoer te stimuleren en toekomstbestendig te maken. De aanpak voor dit onderdeel wordt momenteel verder uitgewerkt met de deelnemers van de tafel mobiliteit. Daarnaast faciliteert de provincie het delen van kennis over elektrisch vervoer en laadinfrastructuur met gemeenten. Bijvoorbeeld door het mede-organiseren van de ‘NKL Kennistour Gelderland’ (NKL = het Nationaal Kennisplatform Laadinfrastructuur).

Vraag 5:
Er is een provinciale concessie voor laadpalen, waaraan gemeenten kunnen deelnemen. Wat is de stand van zaken rondom deze provinciale concessie?

Antwoord:
De concessie voor publieke laadpunten voor gemeenten in Gelderse regio’s is gegund in 2014 en loopt voor een periode van 10 jaar. De concessie, waarbij het proces is gefaciliteerd door de provincie Gelderland, is bedoeld om gemeenten te helpen om laaddienstverlening te realiseren tegen goede voorwaarden en om gemeenten een keuze te bieden naast bestaande vormen. Zij kunnen kiezen om laadpalen te plaatsen via de concessie maar zijn ook vrij om zelf een aanbieder te kiezen of zelf een concessie te verlenen. In de praktijk zien we al deze en andere vormen. Verschillende gemeenten hebben al gebruik gemaakt van de concessie, sommige maken gebruik van een andere aanbieder en gemeente Arnhem heeft recent een eigen concessie verleend.

Vraag 6:
Ontwikkelingen in mobiliteit kunnen heel snel gaan, zo blijkt uit de Keynote speech van Tony Seba (Stanford University) over clean disruption of energy & transportation. Wat is er de komende tijd voor nodig om Gelderland beter voorbereid te laten zijn op ontwikkelingen in elektrisch rijden en andere mobiliteitstrends?

Antwoord:
Om inzicht te krijgen in welke trends en ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit er op ons af komen heeft de provincie de Toekomstverkenning Mobiliteit uitgevoerd. Voor deze verkenning zijn 35 partners op gebied van mobiliteit geïnterviewd en veel inzichten, trends en ontwikkelingen opgehaald. De verkenning heeft tot veel interessante inzichten geleid die de provincie wil benutten om op tijd en goed in te spelen op de toekomstige ontwikkelingen (zie ook het online platform). Enkele voorbeelden: data en datamining wordt belangrijker voor onze beleidsaanpak, de vervaging van de grens tussen privaat vervoer en publiek vervoer heeft consequenties voor onze aanbestedingen en de doorgaande trend van verstedelijking betekent dat focus op bereikbaarheid belangrijk blijft. De verwachting is dat gezondheid en milieu in de toekomst nog belangrijker worden en daarmee ook de aandacht voor uitstoot, schone brandstoffen en recycling hoog blijft. De trends en de financiële consequenties worden verwerkt in voorstellen voor beleid en de uitvoering van aanbestedingen en projecten.
Naast de toekomstverkenning Mobiliteit werkt de provincie ook binnen het Gelders Energie Akkoord aan het verduurzamen van de mobiliteit, waaronder elektrisch rijden. De verdere uitwerking van de mobiliteits-onderwerpen uit het GEA-uitvoeringsplan worden afgestemd met de uitkomsten van de Toekomstverkenning Mobiliteit.

Vraag 7:
Wat zijn de ambities van de provincie als het gaat om laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer in Gelderland?

Antwoord:
In het kader van de toekomstverkenning Mobiliteit en het Gelders Energie Akkoord onderzoeken we momenteel wat we kunnen gaan doen om elektrisch rijden en de bijbehorende laadinfrastructuur te stimuleren. Daarvoor zoeken we de samenwerking met gemeenten (zij zijn verantwoordelijk voor de plaatsing van laadpalen), bedrijfsleven en kennisinstellingen. Momenteel heeft de provincie daarom nog geen specifieke ambitie voor wat betreft laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer.

Gedeputeerde Staten van Gelderland
C.G.A. Cornielje - Commissaris van de Koning
P.G.G. Hilhorst - secretaris

Wij staan voor:

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer